ENTRE-TEMPS

Entre-temps gaat over de dingen die ondertussen gebeuren. Dingen die je pas opmerkt als je er even de tijd voor neemt. De romantiek van vergeten straten bijvoorbeeld, of de grappige flarden van gesprekken die je opvangt wanneer mensen in de rij staan aan te schuiven bij de bakker. Liefdes die ondertussen stilletjes zijn uitgedoofd of net in het grootste geheim vurig en passioneel zijn. Weten dat je afscheid moet nemen, maar het nog net even niet doen. Over de dingen die tussen de plooien van de geschiedenis zijn verzeild geraakt. Te onbenullig voor de geschiedenisboeken, maar des te meer tekenend voor een tijdsgeest of waar we nostalgisch over worden. Daartegenover staat de mallemolen die steeds door blijft draaien, de gekte van alledag, de pragmatiek, de kosten-baten mentaliteit. 

Entre-temps plaatst daar een eigenwijs vraagteken bij door even stil te staan bij zaken die omwille van hun onbelangrijkheid net heel belangrijk zijn. Net zoals katten doen, glippen we tussen plooien en kieren. Om er te verdwijnen in een stukje tijd waar geen mens zou komen. We zetten ons op de horizon van onze dromen, onze geheimen, onze verlangens en flemen er eens goed tegen.

Voor dit programma koos Bel Ayre voor Franse en Nederlandstalige liederen. Het ensemble ging ook weer op zoek naar een heel aparte klankkleur. Ze haalden een draagbaar draaiorgeltje, ook wel orgue de barbarie genaamd, van onder het stof en nagelden een programma vol draaiboekjes bijeen met nieuwe eigen liedjes en oude airekes en chansons:

“Reposons-nous ici
à l’ombre de l’impression
où ni avant, ni après, ni pendant
se trouve l’entre-temps”

 

Lieselot De Wilde: zang, teksten, muziek, orgue de barbarie
Peter Verhelst: gitaar, arrangementen & composities
Jean-Phillipe Poncin: klarinetten
Lode Vercampt: cello